Spaarhypotheek en Bankspaarhypotheek

Spaarhypotheek
Met de aloude spaarhypotheek spaar je via een kapitaalverzekering voor de aflossing van je hypotheek. Tussentijds los je niets af, maar betaal je naast de hypotheekrente een verzekeringspremie (ook wel spaarpremie genoemd) waarmee je een spaarpot opbouwt. Dit gespaarde bedrag is aan het einde van looptijd precies even groot als de hypotheekschuld. Dat biedt je dus de zekerheid dat je aan het einde van de looptijd niet met een restschuld blijft zitten, zoals dat bij een beleggingshypotheek wel het geval kan zijn.

Banksparen
Ook met een bancaire spaarhypotheek bouw je tijdens de looptijd een spaarpot op waarmee je de hypotheekschuld aan het einde van de looptijd in één keer kunt aflossen. Alleen doe je dat niet via een verzekering, maar via een geblokkeerde bankrekening. Het gaat om een relatief eenvoudig en ook transparant bancair product: je kunt bijvoorbeeld precies zien hoeveel je al gespaard hebt. Op uw inleg op een bankspaarrekening worden geen kosten ingehouden. U ontvangt op uw inleg dezelfde rente als de rente die u op uw bankspaarhypotheek betaalt.

Hetzelfde fiscale voordeel
Met zowel de ‘gewone’ spaarhypotheek als de bankspaarhypotheek heb je recht op belastingvoordeel:
tijdens de hele looptijd hoef je geen 1,2 procent vermogensbelasting over het gespaarde kapitaal te betalen.

Om in aanmerking te komen moet je wel aan een paar voorwaarden voldoen. Zo mag je het geld niet voor een ander doel gebruiken dan de aflossing van je hypotheek. Ook geldt er een maximale vrijstelling (in 2018 is deze € 164.000,- per persoon) en mag de hoogste premie in enig jaar niet meer zijn dan 10 maal de laagste premie in enig jaar.

Meer verschillen
Naast de manier waarop je spaart – via een rekening of een verzekering - zijn er nog meer verschillen. Die zitten vooral in
de bijkomende kosten die je moet betalen en ook de overlijdensrisicoverzekering bij je hypotheek speelt een rol.

Kosten
Volgens onderzoek van de Consumentenbond zijn de meeste bancaire spaarhypotheken in de praktijk goedkoper dan ‘gewone’ spaarhypotheken. Dat komt volgens de bond vooral doordat een bankrekening een veel minder complex product is dan een verzekering. En dat scheelt in de kosten. Overigens geldt dit alleen voor de bankspaarvariant van de hypotheek, bij de beleggingsvariant komen wel meer kosten om de hoek kijken. Bij een bankspaarhypotheek betaal je geen kosten, terwijl de kosten van ‘gewone’ spaarhypotheken juist wel voor uw rekening komen. 

Overlijdensrisicoverzekering
Een ander verschil schuilt in de overlijdensrisicoverzekering. Deze polis die bij een ‘gewone’ spaarhypotheek aan je hypotheek is gekoppeld, is bij een bancaire spaarhypotheek niet verplicht. Dat is uiteraard gunstig voor mensen die niet perse een overlijdensrisicoverzekering nodig hebben, want zo sparen zij een aardig bedrag aan premies uit. De meeste mensen zullen echter wel een overlijdensrisicoverzekering nodig hebben. Je kunt deze polis dan los afsluiten. Het voordeel hiervan is dat je een voordelige overlijdensrisicoverzekering kunt kiezen door een goede vergelijking te maken.

Let op
Hoewel er veel overeenkomsten zijn tussen beide spaarmogelijkheden, zijn er toch ook belangrijke verschillen te vinden. In dit artikel hebben we alleen de meest in het oog springende verschillen genoemd. Een adviseur kan u over deze en andere verschillen tot in detail inlichten.

Het afsluiten van een nieuwe spaar of bankspaarhypotheek is alleen nog mogelijk als u al een hypotheek had op 31-12-2012 die u aflost door middel van een Kapitaalverzekering Eigen Woning (een levensverzekering of spaarhypotheek verzekering met KEW-clausule), een Spaarrekening Eigen Woning (SEW) of een Beleggingsrekening Eigen Woning (BEW). De waarde van het lopende product moet dan worden ingebracht op het nieuwe product, de looptijd mag niet worden verlengd en de inleg mag niet worden verhoogd (of in het geval van een gegarandeerd eindkapitaal mag het gegarandeerde kapitaal niet worden verhoogd).